Het COKZ ziet toe op de naleving van de EU-verordening Dierlijke Bijproducten in de Nederlandse zuivelsector.
Bij de productie van levensmiddelen van dierlijke oorsprong kunnen dierlijke bijproducten ontstaan. Dit zijn producten die niet voor menselijke consumptie bestemd zijn. De classificatie tot dierlijk bijproduct kan noodzakelijk zijn op grond van producteigenschappen (het motief is dan wettelijk vastgelegd), maar zuivelproducten kunnen ook om commerciële redenen door zuivelbedrijven niet meer voor menselijke consumptie bestemd worden.
In de Europese Unie zijn Verordening (EG) nr. 1069/2009 en Verordening (EG) nr. 142/2011 met betrekking tot Dierlijke Bijproducten van kracht. Hierin worden regels gesteld aan producten die niet of niet meer bestemd zijn voor menselijke consumptie. Deze regels betreffen het verzamelen, vervoeren, opslaan, hanteren, verwerken en gebruiken of verwijderen van dierlijke bijproducten om ervoor te zorgen dat deze producten geen risico opleveren voor de gezondheid van mens en dier.
Nationaal zijn deze verordeningen nader uitgewerkt in Hoofdstuk VII a van de Gezondheid- en Welzijnswet voor Dieren (GWWD), het Besluit dierlijke bijproducten en de Regeling dierlijke bijproducten 2011.
Het COKZ voert in opdracht van de VWA inspecties uit bij zuivelbedrijven met het oog op naleving van de voorschriften van deze verordening. De COKZ medewerkers zijn voor deze inspecties aangewezen als onbezoldigd VWA-ambtenaar.
Als hulpmiddel bij het begrijpen en naleven van deze regelgeving heeft het COKZ een informatieblad (PDF-bestand) opgesteld.
Verdere relevante informatie kunt u hieronder downloaden (PDF-files):
* Model handelsdocument uit de verordening
* Verordening (EG) nr. 1069/2009
* Verordening (EG) nr. 142/2011
* Regeling Dierlijke Bijproducten 2011